Als een bende oude maten die al jaren muziek spelen op een gegeven moment de kans krijgen om uit hun kelder te kruipen en enkele concerten in Los Angeles te gaan spelen, lijkt een levensdroom in vervulling te gaan. Maar het enthousiasme wordt meteen getemperd. De drummer van de groep vindt zichzelf te oud om aan de andere kant van de wereld nog een beetje de rocker te gaan uithangen. Er moet dus naar vervanging gezocht geworden. En dan moet de grootste tegenslag nog komen. Aan de vooravond van hun vertrek valt de zanger dood. Wat een tweede leven voor de groep had kunnen zijn, lijkt op het einde. En dat is nog maar het begin van de film.
De grote consternatie volgt. Wanneer de vier muzikanten vernemen dat hun copain, die jarenlang hun band aanvoerde getrouwd was met een homo die militair was. Een grote schok. Ze zijn nu wel heel open van geest, maar een militair, komaan!
Wanneer de militair in kwestie beslist om de groep te vergezellen om de as van de overleden uit te strooien in Los Angeles, is de domper op de feestvreugde nog sterker. En dat is nog maar het begin van het verhaal.
Philippe Pierquin, onze Franstalige collega, heeft het scenario al helemaal gelezen en hij is helemaal ingepakt. “Het ruikt naar bier, zweet, het is geestig en ontroerend en vooral, het ontwijkt de platgetreden paden.”