Veel Belgen, maar weinig Vlamingen in Cannes

Het is bijna weer zover : volgende week begint aan de Franse Azurenkust Het 65ste  Filmfestival van Cannes.  Met dit jaar veel Belgen op het feest, maar weinig Vlamingen.  Dus wordt het hard supporteren in het Frans.  Zelfs voor die ene Vlaming die er wel is in de grote competitie mag aantreden :  Matthias Schoenaerts zit samen met onze Franstalige landgenoot Bouli Lanners in de Franse film ‘De Rouille et d’Os’ van Jacques Audiard. Meteen de enige twee Belgen die te zien zullen zijn in een film van de Officiële Selectie. De enige andere Vlamingen die we in Cannes zien, zijn de vrouwelijke filmstudenten die geselecteerd zijn met hun kortfilms. Emilie Verhamme voor de officiële competitie met ‘Cockaigne’ en Leni Huyghe voor de Cinéfondation met ‘Mattheus’.

 

De meeste Belgen zijn aan te treffen in ‘Un Certain Regard’, een nevensectie van het festival.  De films uit die sectie behoren ook tot de officiële selectie, maar komen niet in aanmerking voor de Gouden Palm.  Wel voor de Prix ‘Un Certain Regard’.  In die selectie wordt ook een prijs van de jury uitgedeeld.  Joachim LafosseEmilie Dequenne, Jérémie Renier en Benoît Poelvoorde zijn allemaal aanwezig in films die meedingen naar de hoofdprijs in de Certain Regard.   Daarin krijg je vooral werk te zien dat een beetje anders, een beetje eigenzinniger is dan de doorsnee film.

 

David Lambert is met zijn langspeelfilmdebuut ‘Hors Les Murs’ aanwezig in de ‘Semaine de La Critique’, een andere nevensectie die tot doel heeft nieuw talent te ontdekken.  De zeven films die voor deze sectie zijn geselecteerd zijn allemaal eerste of tweede films van jonge cineasten.

 

Het Festival van Cannes begint dit jaar een week later dan gewoonlijk.  Het gaat van start op 16 mei en loopt tot 27 mei. Dat heeft alles te maken met de Franse presidentsverkiezingen.  De organisatoren laten het medialandschap even afkoelen en depolitiseren alvorens het grote cinemafeest te laten beginnen.

 

Eigenlijk hadden wij in Vlaanderen wel een beetje gehoopt dat ook Felix Van Groeningen in de officiële selectie zou zitten.  Maar niets.  Komt ook, zo horen we van ingewijden, doordat ‘The Broken Circle Breakdown’ nog niet helemaal klaar was.  Van Groeningen wou zoals in het verleden werken met Nico Leunen als monteur, maar die was volop bezig met de montage van ‘Kid’, de film van zijn echtgenote Fien Troch.  Felix ging het toen elders zoeken, maar vond zijn draai niet met de monteur waarmee hij eerst samen zat.  En dus ging hij weer aankloppen bij Nico Leunen.  Die wou Felix niet laten stikken en besloot om beide films tegelijkertijd te monteren.  Waardoor ze eigenlijk allebei trager opschoten dan verwacht en geen van beide in afgewerkte versie aan het selectiecomité van Cannes kon worden getoond.  Komt daarbij dat er weer personeelsverschuivingen geweest zijn in Cannes.  Nieuwe selectieheren die zich ook willen bewijzen en die niet voortbouwen op wat er is geweest.  Daardoor zit er voor het eerst sinds 2007 geen Vlaamse langspeelfilm in de selecties van Cannes.  En dat is natuurlijk zonde.  Want we zijn goed bezig. Hopelijk zet het Festival van Venetië dat onrecht recht.

Maar goed, niet getreurd.  Of het de Waalse cinema of de Vlaamse is die vertegenwoordigd is, feit is dat het buitenland alsmaar vaker stilstaat bij films die in ons land gemaakt worden.

 

 

 

Toen de release van de film voouitgeschoven werd naar 17 mei, konden we het al raden : de release van ‘De Rouille et d’Os’ leek een aankondiging voor een selectie voor het festival van Cannes. En we kregen gelijk. De film waarin u Marion Cotillard ziet naast Belgisch talent als Matthias Schoenaerts en Bouli Lanners onder de kundige leiding van Jacques Audiard prijkt inderdaad op de affiche van de officiële selectie. Een nieuw bijzonder wapenfeit voor Films du Fleuve van de gebroeders Dardenne en voor Lunanime van Annemie Degrijse, de Vlaamse productiemaatschappij die eerder ook ‘Beyond the Steppes’ van Vanja D’Alcantara en ‘Offline’ van Peter Monsaert produceerde.

 

Matthias speelt de rol van Ali.  Hij is 25 jaar oud, woont in het grauwe Noorden en is blut.  Altijd geweest.  Zolang hij alleen maar voor zichzelf hoefde te zorgen, maakte hij zich ook nooit zorgen om het gebrek aan geld.  Maar wanneer de moeder van zijn zoontje haar kind bij hem achterlaat, moet hij ervoor zorgen dat hij een vast inkomen heeft. Omdat hij niet meteen iets weet te verzinnen, zoekt hij tijdelijk onderdak bij zijn zus die in Antibes woont, in het zuiden van Frankrijk. Hij verdient er de kost als buitenwipper.  Hij neemt er ook deel aan clandestiene freestyle-bokswedstrijden en ontmoet er de mooie, uitdagende Stéphanie die orka’s afrecht in een waterpretpark.  Maar dan geraakt ze betrokken in een ongeval en lijkt ze helemaal niet meer op de vrouw op wie hij aanvankelijk verliefd geworden is.

 

Onze andere landgenoten die aanwezig zijn in de officiële selectie zitten, zoals gezegd, verzameld in de sectie ‘Un Certain Regard’.  Om te beginnen met ‘À Perdre la raison’. Zoals voorzien, verwacht, gehoopt, heeft de film van Joachim Lafosse de selectieheren weten te bekoren.  En dat is ook toch wel een beetje een Vlaamse triomf. Want co-producent van deze film is Nino Lombardo van Prime Time, producent van films als ‘Sailor’s Don’t Cry’, ‘Rosie’ en ‘Een ander zijn Geluk’.

 

 

Niels Arestrup en Tahar Rahim, het duo dat eerder Cannes lieten jubelen voorUn Prophète’ van Jacques Audiard, zal opnieuw de treden naar het Palais des Festivals betreden.  Maar het is zonder twijfel de aanwezigheid van Émilie Dequenne waar iedereen naar uitkijkt.  Dertien jaar nadat ze beloond werd voor haar eerste film ‘Rosetta’, keert Émilie terug met een vertolking waarvan nu al hardop wordt gefluisterd dat ze niet minder dan hallucinant is.  Op een Gouden Palm voor de beste vrouwelijke vertolking moet ze dit keer niet rekenen.  Kan niet in de sectie waarvoor de film geselecteerd is.  Nu al doodzonde.  De rest van de cast bestaat ook uit namen van wie je niet graag iets wil missen, met onder meer Baya BelalStéphane Bissot, Mounia Raoui, Redouane BehacheYannick Renier en Nathalie Boutefeu.

Het verhaal is een vrije bewerking van het verhaal van Geneviève Lhermitte, de moeder die in 2007 haar vijf kinderen om het leven bracht.

Dit is de synopsis : Murielle en Mounir houden zielsveel van elkaar. Sinds zijn kinderjaren woont de jongeman bij Dokter Pinget, die hem verzekert dat hij zich geen financiële zorgen hoeft te maken.  Wanneer Mounir en Murielle beslissen om te trouwen en kinderen te hebben, wordt het koppel wat al te afhankelijk van de dokter.  Murielle ziet zich gevangen in een affectief verstikkend klimaat en glijdt af in een emotioneel dal waarin de tragiek onvermijdbaar lijkt.

Iedere gelijkenis met de waar gebeurde feiten is uiteraard niet toevallig, maar het scenario gaat veel verder dan wat er bekend is over de zaak.  De makers van de film hebben de bekende feiten gewoon gebruikt om zich in te beelden wat er zich zou kunnen afgespeeld in het huis van het drama.  Hoe het zover is kunnen komen.  Een heel riskante onderneming die, onder meer gezien de selectie voor het festival van Cannes, vermoedelijk hoogst interessant kijkvoer moet opleveren.  Regisseur Joachim Lafosse heeft in ieder geval ervaring met schokkende feiten.  Onder meer ‘Nue Propriété’ en ‘Elève Libre’ waren eerdere spraakmakende films van deze grote Waalse belofte.  Voor het scenario heeft Joachim Lafosse samengewerkt met Matthieu Reynaert.  Achteraf hebben beide heren ook nog Thomas Bidegain ingeschakeld, de vaste scenarist van Jacques Audiard.

 

 

Benoît Poelvoorde zal ook aanwezig zijn in  Un certain Regard met ‘Le Grand Soir’, getekend  Benoit Délépine en Gustave Kervern (‘Mammuth’). Een film die gecoproduceerd werd door Belgische firma’s als  Panache Productions en de Compagnie cinématographique.  De film vertelt het verhaal van twee broers.  De ene is een werkloze matrassenverkoper (Albert Dupontel), de andere is wellicht de oudste punker van Europa (een rol van Benoît natuurlijk). De moeder wordt vertolkt door Brigitte Fontaine.

 

Nog een Belgische acteur die we op de rode loper in Cannes zullen zien is Jérémie Renier, die een hoofdrol speelt in ‘Elefante Blanco’, de nieuwe film van de Argentijnse cineast Pablo Trapero. Een regisseur die Cannes wel kent, want in 2002 was hij al geselecteerd voor ‘Un Certain Regard’ met ‘El Bonaerense’. In 2004 zat hij in de jury van de kortfilmcompetitie in Cannes en was ook al aanwezig metLeonera’, een choquerende film over een vrouwengevangenis en in 2010 met de gangsterfilm ‘Carancho’.

Jérémie Renier is voor het eerst te zien in een film waarin hij Spaans moet spreken. Hij speelt een priester die in Buenos Aires de wereld wil komen verbeteren.  Hij wordt er verwelkomd door broeder Julian (Ricardo Darín). ‘t Is te zeggen, zo welkom blijkt hij niet, want de twee mannen komen met elkaar in botsing, omdat ze nogal verschillende opvattingen hebben over hoe ze het geweld en de corruptie in de sloppenwijk Villa Virgen moeten aanpakken.  Een maatschappelijk werkster  (Martina Gusmán) tracht hen te vezoenen.  Darin en Gusman speelden ook al de hoofdrollen in de vorige film van Trapero.

De site van het festival onderstreept het nog eens : Jérémie Renier is echt opgegroeid op het Festival van Cannes.  Men heeft er hem ontdekt in 1996 in La Promesse’, van Jean-Pierre en Luc Dardenne tijdens de ‘Quinzaine des Réalisateurs’. Toen was hij vijftien. Sindsdien is hij al talloze malen teruggekeerd. Maar zijn meest memorabele passage in Cannes was natuurlijk die voor ‘L’Enfant’ van de gebroeders Dardenne, waarvoor hij beloond werd met een Gouden Palm.

Maar daarmee is nog niet alles gezegd over de Waalse aanwezigheid in Cannes.  De journalisten die de selectie maken van de films die vertoond worden tijdens ‘La Semaine de la Critique’ zetten ook ‘Hors Les Murs’ op hun lijstje.  Dat is de eerste langspeelfilm van David Lambert en zijn Belgisch producent Jean-Yves Roubin.

 

 

‘Hors Les Murs’, de film van David Lambert vertelt de liefdeshistoire van twee homo’s.  De ene is Paul, pianist in de Cinematek, het Filmmuseum in Brussel, en gespeeld door Matilia Malliarakis, en de andere is Ilir, bassist bij een grungy rockgroepje.  Guillaume Gioux speelt de bassist.  Hij heeft al enige filmervaring.  Je ziet hem opdagen in alsmaar belangrijker rollen.  Tijdens de laatste editie van de Césars was hij genomineerd voor ‘Jimmy Rivière’.   Voor Matilia Malliarakis is ‘Hors Les Murs’ zijn debuut op het grote scherm.


[Matilia Malliarakis]

 

“Het is een liefdesverhaal. Punt.  Het homopubliek is niet echt fan van de kortfilm die David eerder maakte.  En afgaande op wat we tot nu toe gezien hebben, zal dat niet anders zijn bij ‘Hors les Murs’, zo verklapte Jean-Yves Roubin aan onze Franstalige collega’s.  “David is iemand die alle clichés van het genre vermijdt.  Zowel op het vlak van de situaties die hij schetst als wat de casting betreft.  Hij gaat in tegen de bestaande conventies.” De hoofdrollen worden dan ook gespeeld door acteurs die in het echte leven helemaal geen homo zijn.  “Ik ben een acteur,” preciseert Guillaume Gouix. “Oké, ik ben niet gay, maar ik speel ook geen bas in het echte leven.  Het heeft me trouwens bloed, zweet en tranen gekost om het instrument te hanteren als een echte rocker.”

 

[De hele filmploeg van ‘Hors Les Murs’, bij het eind van de opnamen in Brussel]

Sinds ‘Shrek’, dat in Cannes werd voorgesteld in 2001, kijkt niemand er nog van op dat er lange animatiefilms getoond worden op de Croisette.  Dit jaar wordt in de nevensectie, de Quinzaine des Réalisateurs de film ‘Ernest et Célestine’ getoond, een bewerking van de de kinderboeken van de Belg Gabrielle Vincent, die in 2000 op 72-jarige leeftijd overleed.

De film is een coproductie van het Belgische La Parti Production met Les Armateurs in Frankrijk en  Melusine in Luxemburg.  De regie van de film is in handen van Stéphane Aubier en Vincent Patar, het Belgische duo dat eerder al ‘Panique au Village’ regisseerde, een film die ook al getoond werd in Cannes.

 


Voor de geschifte vaders van ‘Panique au Village’ enPic Pic André’, vooral bekend omwille van hun stopmotion-animatie en hun van de pot gerukte Belgo-surrealistische humor is ‘Ernest en Célestine’ een stap in een nieuwe richting, want de toon en de stijl van de film verschillen helemaal van wat ze eerder hebben gedaan. Hun nieuwe film blinkt uit door zijn eenvoud, vriendelijkheid en door zijn klassieke vorm. Geen motion capture, geen 3D en geen figuurtjes in klei of plasticine, maar sobere, verfijnde tekeningen in  zachte kleuren.  Ze zijn ook niet van plan van de bekende figuurtjes een complete make-over te geven.  ‘Ernest en Célestine’ blijven trouw aan het origineel.

En dan is er nog een Franstalige Belgische film die in Cannes aanwezig zal zijn.  Het werk van ene Amélie Van Elmbt.  Een jongedame van amper 25 uit Namen die bijna helemaal in haar eentje een langspeelfilm heeft gedraaid.  Haar film ‘La Tête la Première’ is geselecteerd voor de sectie ACID.  Klinkt zuur, maar is het niet.

 

Opgeleid aan het IAD, en fan en vervolgens medewerkster van Jacques Doillon, wou Amélie Van Elmbt films maken. Makkelijk gezegd natuurlijk.  Maar in Wallonië wordt er nog minder gedraaid dan in Vlaanderen.  Dus moet je geduld oefenen.  Iets wat Amélie niet heeft.

Ze wou meteen aan de slag.  En in plaats van te dromen, schoot ze gewoon in actie.  Met geld dat ze geleend had van haar moeder ontwikkelde ze een uitgekiend plan.  Ze verzamelde een groep technici rond zich, allemaal jonge mensen die pas hun filmstudies beëindigd hadden.  Ze draaide met twee camera’s, om zoveel mogelijk beeldmateriaal te verzamelen op korte tijd.  Want drie weken draaitijd voor een langspeelfilm was bitter weinig.

 

Blijkbaar een dame met veel overtuigingskracht.  Zo wist ze David Murgia te overtuigen om de mannelijke hoofdrol voor zijn rekening te nemen.  U kent hem natuurlijk nog als de jonge kwelduivel uit ‘Rundskop’.  In deze film deelt hij het scherm met Alice de Lencquesaing, één van de revelaties van de Franse film in 2010.  Toen was ze onder meer te zien in ‘L’Heure d’été’ en ‘Le Père de mes enfants.’

Alice speelt in de film de rol van Zoé, een jongedame die er op uit trekt om een schrijver te ontmoeten en aldus hopelijk enige zin in haar bestaan te vinden.  Onderweg ontmoet ze Adrien, een jonge acteur, die geboeid door haar onvatbare karakter, zin heeft om haar te volgen.  Tot in Cannes?

 

De vitrine waarin dit jonge talent wordt geëtaleerd heet dus ACID.  Dit is het initiatief van een vereniging van cineasten die de onafhankelijke film wil promoten en al het mogelijke doet opdat kleinere, interessante films ook een kans krijgen om vertoond te worden in de bioscopen.  Ieder jaar zorgt ACID ervoor dat een 30-tal langspeelfilms gedraaid worden in 150 zalen in binnen-en buitenland.  En de steun van de vereniging garandeert ook een vlottere selectie voor bepaalde festivals.

 

ACID is al 16 jaar aanwezig op het Festival van Cannes met een programmatie van 9 films.  De meeste daarvan hebben nog geen distributeur. Yolande Moreau en Lucas Belvaux hebben in het verleden ook al een selectie voor deze nevensectie versierd.  Wij kennen heel veel Vlamingen die hier ook best tot hun recht zouden gekomen zijn, maar goed, we zijn blij voor onze Waalse collega’s.  En uiteraard gaan we duimen.

Bekijk ook

Sidderen en beven met de nieuwe trailer van «Final Destination: Bloodlines»!

Final Destination: Bloodlines. De ondertitel van het nieuwste hoofdstuk in de bloedstollende horrorfranchise belooft het …

Sahifa Theme License is not validated, Go to the theme options page to validate the license, You need a single license for each domain name.